Op 1 maart 2026 treedt een wijziging in werking van het KB van 9 maart 2014 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor de overtredingen betreffende het stilstaan en parkeren en voor de overtredingen betreffende de verkeersborden, C3 en F103, vastgesteld met automatisch werkende toestellen. De bestaande politieverordening dient daarom aangepast te worden aan het vernieuwde KB : zowel het opschrift van het KB als enkele artikelen dienen worden gewijzigd.
- Het decreet lokaal bestuur van 21 december 2017 en latere wijzigingen.
- De nieuwe gemeentewet, inzonderheid de artikelen 119, 119bis en 135,§2.
- De wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties.
- Het KB van 9 maart 2014 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties.
- Het KB van 1 december 1975 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg.
- Het protocolakkoord tussen de gemeente Brakel en de procureur des Konings van het Parket Oost-Vlaanderen betreffende de gemeentelijke administratieve sancties - inbreuken verkeer.
- De politieverordening betreffende overtredingen op het stilstaan en parkeren en de overtredingen betreffende het verkeersbord C 3 vastgesteld met automatisch werkende toestellen van de stad Oudenaarde en de gemeenten Kluisbergen, Kruisem en Wortegem-Petegem.
Sinds de GAS-wet van 24 juni 2013 kunnen gemeenten ook bepaalde parkeerinbreuken sanctioneren met een gemeentelijke administratieve sanctie, GAS 4 genoemd.
Het betreft concreet de volgende inbreuken :
• inbreuken op de regels betreffende het stilstaan en parkeren
• de bepalingen betreffende de verkeersborden C3 (verboden toegang in beide richtingen) en F103 (voetgangerszone) en F111 (fietsstraat) al dan niet vastgesteld door automatisch werkende toestellen.
De gemeenten van de politiezone Vlaamse Ardennen sloten hiervoor een protocolakkoord af met de Procureur des Koning en keurden bovenvermelde politieverordening goed.
Op 1 maart 2026 treedt een wijziging in werking van het KB van 9 maart 2014 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor de overtredingen betreffende het stilstaan en parkeren en voor de overtredingen betreffende de verkeersborden, C3 en F103, vastgesteld met automatisch werkende toestellen. De bestaande politieverordening dient daarom aangepast te worden aan het vernieuwde KB : zowel het opschrift van het KB als enkele artikelen dienen worden gewijzigd.
Het betreft aanpassingen aan onderstaande artikelen
Artikel 1: De politieverordening betreffende overtredingen op het stilstaan en parkeren en de overtredingen betreffende het verkeersbord C3 vastgesteld met automatisch werkende toestellen wordt hieronder vastgesteld:
POLITIEVERORDENING BETREFFENDE OVERTREDINGEN OP HET STILSTAAN EN PARKEREN EN DE OVERTREDINGEN BETREFFENDE HET VERKEERSBORD C3 VASTGESTELD MET AUTOMATISCH WERKENDE TOESTELLEN.
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Artikel 1 Doel
De gemeente Brakel geeft bij wijze van deze politieverordening uitvoering aan artikel 3, 3° van de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, dat bepaalt dat de gemeenteraad kan voorzien in een administratieve sanctie voor de inbreuken opgesomd in het Koninklijk Besluit van 9 maart 2014 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor :
Artikel 2 Definities
Voor de toepassing van dit reglement zijn :
Artikel 3 Doelgroep
Deze politieverordening is van toepassing op iedere meerderjarige natuurlijke persoon en iedere rechtspersoon die zich op het grondgebied van de gemeente Brakel bevindt, ongeacht zijn woonplaats of ligging van de maatschappelijke zetel.
Hoofdstuk 2 Verkeersinbreuken
Afdeling 1 Overtredingen van eerste categorie (art. 4 - 22)
Artikel 4. Parkeren in erven en woonerven
Binnen de woonerven en de erven, is het parkeren verboden, behalve:
Artikel 5. Stilstaan en parkeren op verhoogde inrichtingen
Op de openbare wegen voorzien van verhoogde inrichtingen, die aangekondigd zijn door de verkeersborden A14 en F87, of die op de kruispunten alleen aangekondigd zijn door de verkeersborden A14, of die gelegen zijn binnen een zone afgebakend door de verkeersborden F4a en F4b, is stilstaan en parkeren verboden op deze inrichtingen, behoudens plaatselijke reglementering;
Artikel 6. Parkeren voetgangerszones
In voetgangerszones is het parkeren verboden;
Artikel 7. Opstelling stilstaand of geparkeerd voertuig ten opzichte van de rijrichting
Elk stilstaand of geparkeerd voertuig moet worden opgesteld rechts ten opzichte van zijn rijrichting.
Indien het een rijbaan is met eenrichtingsverkeer, mag het evenwel langs de ene of langs de andere kant opgesteld worden;
Artikel 8. Stilstaan of parkeren op een berm
Elk stilstaand of geparkeerd voertuig moet worden opgesteld:
Artikel 9. Stilstaan of parkeren volledig of deels op de rijbaan
Elk voertuig dat volledig of ten dele op de rijbaan opgesteld is, moet geplaatst worden:
Motorfietsen zonder zijspan of aanhangwagen mogen evenwel haaks op de rand van de rijbaan parkeren voor zover zij daarbij de aangeduide parkeermarkering niet overschrijden
Artikel 10. Opstelling fietsen, voortbewegingstoestellen en tweewielige bromfietsen
Fietsen, voortbewegingstoestellen en tweewielige bromfietsen moeten buiten de rijbaan en de parkeerzones bedoeld in artikel 75.2 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg opgesteld worden zonder het verkeer van de andere weggebruikers te hinderen of onveilig te maken, behalve op plaatsen gesignaleerd zoals voorzien in artikel 70.2.1.3°. f en 77.5 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg; De voortbewegingstoestellen die bestemd zijn voor personen met een verminderde mobiliteit mogen altijd buiten de rijbaan en die parkeerstroken opgesteld worden.
Artikel 11. Opstelling motorfietsen
Motorfietsen mogen buiten de rijbaan en de parkeerzones bedoeld in artikel 75.2 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer van het gebruik van de openbare weg opgesteld worden zonder het verkeer van de andere weggebruikers te hinderen of onveilig te maken.;
Artikel 12. Stilstaan en parkeren op plaatsen waar gevaar veroorzaakt kan worden of onnodige hinder zou veroorzaken
Het is verboden een voertuig te laten stilstaan of te parkeren op elke plaats waar het duidelijk een gevaar zou kunnen betekenen voor de andere weggebruikers of waar het hun onnodig zou kunnen hinderen, inzonderheid:
Artikel 13. Parkeerverbod
Het is verboden een voertuig te parkeren:
Artikel 14. Onjuiste aanduiding parkeerschijf
Het is verboden onjuiste aanduidingen op de schijf te laten verschijnen. De aanduidingen van de schijf mogen niet gewijzigd worden voordat het voertuig de parkeerplaats verlaten heeft
Artikel 15. Beperkingen van het langdurig parkeren.
§1. Het is verboden op de openbare weg motorvoertuigen die niet meer kunnen rijden en aanhangwagens langer dan vierentwintig uur na elkaar te parkeren
§2. Binnen de bebouwde kommen is het verboden op de openbare weg auto's, slepen en aanhangwagens met een maximale toegelaten massa van meer dan 7,5 ton langer dan acht uur na elkaar te parkeren, behalve op de plaatsen waar het verkeersbord E9a, E9c of E9d is aangebracht
§3. Het is verboden op de openbare weg reclamevoertuigen langer dan drie uur na elkaar te parkeren
Artikel 16. Gebruik gehandicaptenkaart
Het niet hebben aangebracht van de speciale kaart bedoeld in artikel 27.4.3 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg of het door artikel 27.4.1 van hetzelfde besluit hiermee gelijkgesteld document op de binnenkant van de voorruit of, als er geen voorruit is, op het voorste gedeelte van het op een voorbehouden parkeerplaats voor personen met een handicap geparkeerde voertuig;
Artikel 17. Verkeersborden betreffende het stilstaan en parkeren
Verkeersborden E 1, E 3, E 5, E 7 en van het type E 9 betreffende het stilstaan en het parkeren niet in acht nemen;
Artikel 18. Verkeersbord halfmaandelijks parkeren
Het verkeersbord E11 niet in acht nemen;
Artikel 19. Stilstaan en parkeren op verkeersgeleiders en verdrijvingsvakken
Het stilstaan of parkeren is verboden op markeringen van verkeersgeleiders en verdrijvingsvlakken;
Artikel 20. Stilstaan en parkeren op witte markering parkeerzone
Het niet respecteren van de witte markeringen die de plaatsen afbakenen waar de voertuigen moeten staan, bedoeld in artikel 77.5 van het KB van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg.
Artikel 21. Stilstaan en parkeren op dambordmarkeringen
Het stilstaan of parkeren is verboden op de dambordmarkering die bestaat uit witte vierkanten die op de grond zijn aangebracht;
Artikel 22. Verkeerborden C3 (verboden toegang), F103 (voetgangerszone) en F111 (fietszone)
Het niet in acht nemen van het verkeersbord C3, F103 of F111, behalve wat de snelheidsbeperking betreft.
Afdeling 2 Overtredingen van de tweede categorie (art. 23 - 25)
Artikel 23. Stilstaan- en parkeerverbod
Het is verboden een voertuig te laten stilstaan of te parkeren op elke plaats waar het duidelijk een gevaar zou kunnen betekenen voor de andere weggebruikers of waar het hun onnodig zou kunnen hinderen, inzonderheid:
Artikel 24. Parkeerverbod
Het is verboden een voertuig te parkeren:
Artikel 25. Parkeren op voorbehouden parkeerplaatsen voor personen met een handicap
Het is verboden een voertuig te parkeren op de parkeerplaatsen gesignaleerd zoals voorzien in artikel 70.2.1.3°, c van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg behalve voor de voertuigen gebruikt door personen met een handicap die in het bezit zijn van een speciale kaart zoals bedoeld in artikel 27.4.1 of 27.4.3 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg.
Hoofdstuk 32 Straf en slotbepalingen (art. 26 - 30)
Artikel 26. Overtredingen van de eerste categorie
Inbreuken op de artikelen uit Hoofdstuk 2, Afdeling 1 van deze politieverordening worden gesanctioneerd met een administratieve geldboete of onmiddellijke betaling zoals bepaald in artikel 2 § 1 van het Koninklijk Besluit van 9 maart 2014 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor de overtredingen betreffende het stilstaan en het parkeren en voor de overtredingen betreffende de verkeersborden C3 en F 103, vastgesteld met automatisch werkende toestellen.
Artikel 27. Overtredingen van de tweede categorie
Inbreuken op de artikelen uit Hoofdstuk 2, Afdeling 2 van deze politieverordening worden gesanctioneerd met een administratieve geldboete of onmiddellijke betaling zoals bepaald in artikel 2 § 2 van het Koninklijk Besluit van 9 maart 2014 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor de overtredingen betreffende het stilstaan en het parkeren en voor de overtredingen betreffende de verkeersborden C3 en F 103, vastgesteld met automatisch werkende toestellen.
Artikel 28. Procedureverloop
Voor wat het procedureverloop betreft, dient te worden verwezen naar:
Artikel 2
Dit reglement zal overeenkomstig artikel 286 §1 van het decreet over lokaal bestuur en artikel 15 van de wet betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, afgekondigd en bekend gemaakt worden.
Artikel 30
Overeenkomstig artikel 119 van de nieuwe gemeentewet, zal een afschrift van dit reglement worden overgemaakt aan de deputatie van de provincieraad, aan de griffie van de rechtbank van eerste aanleg en aan de griffie van de politierechtbank.
Tevens zal een afschrift worden overgemaakt aan het parket van de procureur des konings Oost-Vlaanderen, afdeling Oudenaarde sectie politierechtbank en aan de korpschef van de lokale politie Vlaamse Ardennen.
Artikel 3:De gewijzigde politieverordening zal overeenkomstig artikel 286 § 1 en artikel 15 van de wet betreffende de gemeentelijke administratieve sancties worden bekendgemaakt en treedt in werking vanaf 1 maart 2026. Afschrift van dit besluit zal worden overgemaakt aan de politiezone Vlaamse Ardennen, de procureur des konings van het Parket Oost-Vlaanderen - afdeling Oudenaarde, de politierechtbank Oost-Vlaanderen afdeling Oudenaarde.
Artikel 4:Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt de gemeenteoverheid de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de lijst ad hoc van de gemeente.